De Boekenwinkel

De laatste jaren is de boekenwinkel bijna geheel uit het straatbeeld verdwenen. Niet opgewassen tegen bol.com met hun zeer uitgebreide, makkelijk doorzoekbare aanbod en korte levertijden. Toch heeft de boekhandel op de hoek van de straat bestaansrecht, denk ik.

Het gaat alleen niet meer om een groot, makkelijk doorzoekbaar aanbod, waar de boekenwinkel het toch altijd van moest hebben. De nadruk moet ergens anders op komen te liggen, want op deze gebieden is bol.com niet te verslaan. Hier een aantal opties:

1. Supersnelbezorging

Bol.com levert volgens het principe vandaag besteld, morgen in huis. Als de boekenwinkel op de hoek een ochtend en een middag rondje door de stad maakt om boeken te bezorgen, kan een klein assortiment boeken in een relatief klein gebied dezelfde dag nog worden bezorgd. Beat that bol.com!

2. Het boekentheater

Wekelijks maken veel mensen een rondje door het stadscentrum. Niet om iets te kopen maar gewoon een rondje om er even uit te zijn. Eigenlijk op zoek naar vermaak. En vermaak is iets waarin een boekenwinkel kan voorzien. Denk aan lezingen, signeersessies, boekbesprekingen en ga zo maar door. 

3. Het leescafé

Soms wil ik gewoon  de eerste pagina’s van een boek lezen voordat ik het koop. Gewoon even kijken of het wat is. Bol.com voorziet daarin, maar op een computerscherm leest toch niet zo fijn. Wat wel fijn leest is een goede stoel en een kop thee erbij. Dus: Boekenkasten eruit, goede stoelen en kop en schotel erin.

4. De curator (via Ernst-Jan Pfauth en Tim de Gier)

Bol.com is niet te verslaan op het assortiment. Dus waarom niet exact het tegenovergestelde doen? Een klein assortiment dat dagelijks of wekelijks wisselt samengesteld door eveneens wisselende gidsen binnen verschillende genres. Helemaal van deze tijd. Immers mijn  Facebook en Twitter vrienden selecteren voor mij welke afbeeldingen, webpagina’s en YouTube filmpjes interessant zijn. Dat kan ook met boeken.

Zomaar 4 opties waarmee een boekenwinkel de strijd aan kan gaan tegen het web. Toch heb ik nog geen enkele boekenwinkel gezien die er anders uitziet dan 10 jaar geleden. Wat jammer eigenlijk!

Ik wil jou!

Vandaag las ik dit in het Marketingtrendonderzoek 2012:

Opmerkelijk is dat marketeers social media vooral willen inzetten om hun eigen boodschap te zenden. De mogelijkheid tot dialoog met de klant, die social media ook bieden, blijft vooralsnog onderbenut.

Help! Anno 2012 willen Marketeers Social Media nog steeds inzetten om te zenden! Alsof Social Media een folder is! Zenden zoals in een envelop met een postzegel erop! Of zenden zoals reclame op televisie! Ik verheug mij nu al op berichten als: “Win een iPad! Volg ons en stuur dit bericht door!” of “Kom naar Keukenboer voor de mooiste keukens #Utrecht #Amsterdam #Rotterdam”. Niet dus!

Social Media is geen briefkaart die je verstuurd en heel misschien ooit wellicht nog eens reactie op krijgt. Social Media is hier en nu. Ik ben de dialoog al begonnen, alleen jij als bedrijf doet niet mee. Ik wil dat je naar me luistert. Luistert, zodat je mijn klantervaring hoort en er iets mee kan doen. En als je luistert, reageer dan ook even, zodat ik weet dát je luistert. Daar heb ik veel meer aan dan je irritante boodschap.

En als je dan toch graag wilt gaan zenden, zend dan vooral niet jouw boodschap. Ik ziet niet te wachten op jouw boodschap. Ik zit te wachten op jou, als bedrijf. Ik wil je levensverhaal, de kleine dingen uit het dagelijks leven die je bedrijf zo speciaal maken. Dus als je mensen helpt de wereld te ontdekken, wil ik weten op welke speciale manier je dat doet! Ik wil dus dit, dit en dit. Weg met het zenden van die oude boodschap. Ik wil jou!      

Ongekende mogelijkheden

Soms zijn er van die tv programma’s waarvan je je afvraagt waarom ze op tv zijn. Bij de titel ‘Draagmoeder Gezocht’, dacht ik dat ook. Tot ik 10 minuten zat te kijken. Bij ‘Draagmoeder Gezocht’ gaat het namelijk niet om de zoektocht naar een draagmoeder, want die is meestal al gevonden. Het gaat om het verhaal daarna. En dat verhaal vraagt vaak om een discussie.

Zo was er deze week een homoseksueel stel dat volgens de Nederlandse autoriteiten te oud is om kinderen te adopteren. Daarom besloten ze ergens in Azië een draagmoeder te huren. Ja, je leest het goed: huren. Deze service hadden ze met een beetje Googlen gevonden. Tja, het internet geeft ongekende mogelijkheden. Maar of die allemaal gebruikt moeten worden?

Draagmoeder Gezocht: Donderdagavond 20:30, Nederland 1.

Brand? Eerst check ik Twitter…

Afgelopen donderdagavond. Op mijn tablet zie ik via de app Tweetdeck berichten binnenkomen over een brand in een restaurant in Passewaaij, de vinexghetto die graag bij Tiel wilt horen. Via 144 tekens en foto’s krijg ik een uitgebreid verslag van alles wat er gebeurd in Passewaaij.

Fantastisch vind ik dat. Door een aantal stadsgenoten te volgen op Twitter en de #Tiel column in Tweetdeck weet ik altijd wat er gaande is in de buurt. Van leuke kleine wetenswaardigheden zoals een recensie in 144 tekens van dat nieuwe restaurant of winkel, tot het laatste grote nieuws. Via Twitter weet ik bijna alles, meteen. Heerlijk! Op die manier weet ik precies waarvoor ik waar moet zijn in de stad. 

24 uur later. Vrijdagavond, rond 9 uur. “Het lijkt wel of ik brandlucht ruik.” “Er zal wel iemand aan het barbecuen zijn.” Antwoord ik. Toch pak ik even mijn tablet. Daar lees ik dat er inderdaad brand is in het centrum van Tiel, ongeveer 300 meter van mijn huis. Dan pas kijk ik uit het raam en zie een dikke rookpluim over mijn huis trekken. Snel kruip ik in de rol van de tweeps in Passewaaij een dag eerder. Ik meld dat het gaat om een grote brand en de locatie van de brand. Samen met anderen werk ik aan een uitgebreid verslag, hier een korte samenvatting daarvan:

http://storify.com/rhrnl/brand-tiel-25-mei-2012.js?header=false

#stophufters

Gisteravond was filmavond. Theo Maassen in de hoofdrol. De telefilm ‘Doodslag’. Een goede film die een beeld schetst van de huidige maatschappij. Een maatschappij waarin hufters de regels bepalen. Een maatschappij die moet worden “terugveroverd op de hufters”, zoals de film begint met een quote van Mark Rutte.

De maatschappij terugveroveren op de hufters. Hoe dan? Het kan écht. Nu hebben we het gereedschap om terug te vechten. Geen wapens of blote vuisten, maar smartphones en computers. Als in de Arabische wereld Facebook het regime van een hufterige dictator omver kan werpen, dan kan Nederland met dit gereedschap een statement maken tegen hufters.

Iedereen heeft nu de mogelijkheid om via Facebook of Twitter de mond open te doen en tegen hufterigheid een eenheid te vormen. Schroom niets. Doe mee! Laat zien dat je het niet accepteert dat een campingeigenaar wordt doodgeschoten vanwege een meningsverschil. Stap op je fruitkistje dat Facebook of Twitter heet en laat je horen! Laat die hufters weten dat deze maatschappij hun gedrag niet accepteert!!

(maar word zelf geen hufter).

Het belangrijkste ingrediënt

In hoog tempo veranderen we alles. Wat jarenlang goed genoeg was, wordt weer ter discussie gesteld. Het moet allemaal mooier, sneller, makkelijker en goedkoper. En die ontwikkeling gaat steeds sneller en sneller. En terecht. Waarom zouden we wachten?

Op deze manier kunnen we nog meer tijd en geld besteden aan de écht leuke dingen in het leven. Maar in onze haast vergeten we vaak het belangrijkste ingrediënt toe te voegen: Plezier! We moeten vooral niet onderschatten hoe een beetje plezier de lasten kan verlichten. Daarom is het goed dat er mensen zijn die soms een stapje terug doen:

En is hij dan ook te bespelen? Ja hoor!

Met dank aan @raaphorst voor de verwijzing naar het eerste filmpje.

Alleen maar plussen!

Facebook wilt alles delen. Met iedereen. Mensen met elkaar verbinden, dat is de basis van het platform. De meeste gebruikers willen dat niet. Alleen contact met vrienden. Dat is genoeg. In een vorige post noemde ik Twitter als beter alternatief daarvoor. Dat kan. Maar er is nog een beter alternatief dacht ik opeens: Google+.

Google heeft precies het sociale netwerk gebouwd zoals de meesten dat willen gebruiken. Een platform om te communiceren met je kennissen. Geen problemen met privacy settings. Jij bepaalt bij het posten met wie je je bericht wilt delen. Kringen of Circles heet dat:

Wat jij wilt is er al. Waarom gebruik je het dan niet? Start nu. Join me on Google+.

Brandgevaar

Afgelopen maand is restaurant Juffrouw Tok in Tiel heropend nadat het vorig jaar was afgebrand. Zo’n brandje, dat kan gebeuren. Niets aan te doen. Deze week werd het nieuwe restaurant weer afgebrand:

http://storify.com/rhrnl/brandgevaar.js?header=false

Ik weet niet welke manier van afbranden gevaarlijker is voor het voortbestaan van het restaurant. De tweede is in ieder geval te voorkomen en te repareren.

Facebook, wat moeten we ermee?

Ieder jaar brengen we meer tijd door op Facebook. Facebook wordt een steeds groter deel van ons leven. We voegen steeds meer informatie toe aan onze Facebook pagina. Tegelijk maken we ons zorgen over onze privacy. Wie kan mijn status updates lezen? Wil ik dat die mensen mijn status updates kunnen lezen? Met andere woorden, is Facebook geschikt voor het doel waarvoor wij het gebruiken?

Iedereen die Facebook gebruikt zou eigenlijk verplicht de film ‘The Social Network’ moeten kijken. Deze film laat op een vermakelijke manier zien wat Facebook precies is. Dit is noodzakelijk om te begrijpen waarom Facebook is zoals het is en waarom Facebook bijvoorbeeld altijd problemen heeft met privacy instellingen. Het verhaal van Facebook kort samengevat, gaat als volgt:

Het verhaal van Facebook begint met de favoriete bezigheid van mannelijke studenten: het beoordelen van de looks van de vrouwelijke studenten. Zo ook op Harvard University. Een eerstejaars Harvard student besluit in 2003 hier een digitale versie van te maken en noemt dit FaceMash. De foto’s verkrijgt deze student door in te breken in de intranetten van verschillende studentenhuizen binnen Harvard. Een paar dagen later wordt FaceMash door het universiteitsbestuur offline gehaald, niet alleen vanwege de gestolen foto’s, maar ook omdat de website het netwerk van de universiteit overbelast. In een paar dagen is FaceMash superpopulair geworden.

Na de berisping door het universiteitsbestuur besluit Mark Zuckerberg, zoals de student heet, het anders aan te pakken. Hij bouwt een nieuwe website en in plaats van de foto’s te stelen, bouwt hij een platform waar studenten zelf hun foto kunnen publiceren. Eigenlijk geeft Zuckerberg zijn gebruikers de mogelijkheid om een digitale collage van zichzelf te maken. Deze website noemt hij The Facebook en is het begin van de website die wij nu massaal gebruiken.

FacebookThe Facebook is in eerste instantie bedoeld om informatie te vinden over mensen op je school en in je klas. Daarnaast legt het de structuur van je vriendennetwerk vast en is het mogelijk om inzicht te krijgen wie de vrienden van je vrienden zijn. Het grote doel is je eigen netwerk vergroten. Om dat te bereiken is The Facebook zodanig gebouwd dat het informatie zo snel mogelijk te verspreidt onder zo veel mogelijk andere mensen. Voor veel Harvard studenten vervult dit een behoefte en zij sluiten zich aan.

Het woordje The verdwijnt en Facebook wordt opengesteld voor mensen buiten Harvard. Meer mensen gaan Facebook gebruiken waardoor het publiek van Facebook verandert. In eerste instantie sluiten meer mensen zich aan die ook hun sociale netwerk willen vergroten. Later wordt Facebook zo populair dat ook mensen die op de hoogte willen blijven van de ontwikkelingen in het leven van hun vrienden die al op Facebook zitten, zich aansluiten.

Deze mensen gaan ook hun eigen leven delen op Facebook, om hun vrienden te informeren. Ongemerkt vervult Facebook hierdoor een heel andere behoefte dan het doel waarvoor het ooit is gebouwd. Het informeren van vrienden is immers een heel ander doel dan het vergroten van je sociale netwerk. Ik zie dan ook vanalles voorbij komen op Facebook. Van foto’s van baby’s en halfnaakte kinderen tot de status van de depressie waarin een Facebook gebruiker zich bevindt. Misschien leuke informatie voor je vrienden, maar als je een collage van jezelf maakt die wordt tentoongesteld aan de hele wereld, zou je dit er dan ook in zetten?

Waarschijnlijk niet. Je wilt deze informatie delen met vrienden en niet met de rest van de wereld. Dus is Facebook niet de juiste plek om deze informatie te delen. Ok, dit is te voorkomen door het juist instellen van de privacy instellingen maar bovenstaande verklaart ook waarom Facebook pas na grote druk de privacy instellingen heeft aangepast.

Ondanks dat blijft het probleem dat Facebook 2 groepen tevreden moet houden: Mensen die op Facebook hun sociale netwerk proberen te vergroten, daarbij zoveel mogelijk berichten van anderen willen lezen en daarbij moeten slalommen om foto’s van spelende kinderen waarvan de ouders hun vrienden willen informeren en tegelijk worstelen met het gebrek aan privacy binnen Facebook. Het is duidelijk dat beide doelen niet zijn te realiseren binnen één netwerk.

Wat is dan wel de juiste plek om ontwikkelingen in je leven te delen? Het antwoord ligt wellicht dichterbij dan je denkt: Twitter. De oude slogan van Twitter is immers ‘Share your interests’. Veel mensen begrijpen niet dat mensen hun dagelijks leven delen met de hele wereld op Twitter maar doen dit ondertussen wel op Facebook. Dat begrijp ik dan weer niet. Bovendien heeft Twitter veel eenvoudigere privacy settings. Er zijn 2 opties: Deel alles met iedereen of deel alles alleen met je volgers (vrienden). Laat dat laatste nou net zijn waar Facebook gebruikers die worstelen met privacy naar op zoek zijn.

Eigenlijk sluit Facebook dus niet meer aan bij de manier waarop het door veel mensen wordt gebruikt. De vraag is of Facebook dat probleem op moet lossen door het afschermen van de privacy, of dat de gebruikers Facebook eindelijk weer eens moeten gebruiken waarvoor het is bedoeld: Het vergroten van je sociale netwerk. Wat mij betreft dat laatste. Dus alle privacy instellingen weer zover mogelijk open, en als je dingen met een beperkte groep wilt delen, ga dan op zoek naar tools die daar beter voor geschikt zijn, zoals Twitter.

Inspelen op het grootste probleem dat internet heeft veroorzaakt

Het boeken van een hotelkamer is door internet supersimpel geworden. Een lang telefoontje naar de plaatselijke VVV of tientallen folders van het reisburo doorbladeren, het is niet meer nodig. Internet vereenvoudigde en verlaagde de prijs van hotelkamers. Logisch gevolg is dat meer hotelkamers worden verkocht, lijkt mij.

Toch is de gemiddelde bezettingsgraad van een hotel maar 70%. Dus dacht een hoteleigenaar in Rhenen: Hoe kan ik nog meer hotelkamers verkopen? Door er een spelletje van te maken, was het antwoord dat hij vond. En dat is precies wat Klaas Stekelenburg van hotelkamerveiling.nl heeft gedaan. Door zijn eigen en heel veel andere hotelkamers te veilen, verkoopt hij nu hotelkamers aan mensen die niet eens wisten dat ze een hotelkamer zochten.

Onmogelijk. Dat was mijn eerste gedachte toen Klaas dit woensdagavond presenteerde op de bijeenkomst die ik bijwoonde van 0344 Samen. Je koopt iets omdat je het nodig hebt of je koopt het niet. Iets kopen omdat het vandaag toevallig in de aanbieding is, ik doe het zelden. Laat staan dat ik er speciaal voor naar een website ga. Toch is er een markt voor. Dat bleek toen Klaas terplekke een aantal hotelkamers ging veilen en er meer dan voldoende vraag bleek te zijn in de zaal. Briljant. Inspelen op het meest grootste probleem sinds internet alles veel gemakkelijker heeft gemaakt: Verveling.