Vaccinatiedwang

“Het is niet de vraag of je besmet wordt, maar wanneer.” Dit zei demissionair minister Hugo de Jonge tijdens de laatste persconferentie, maar ook eerder al een aantal keer. Waar herd immunity in de allereerste coronatoespraak vanuit het torentje nog een slip of the tongue van Rutte was, is het nu, zonder het zo duidelijk te benoemen, kabinetsbeleid geworden. Zeer controversieel kabinetsbeleid welteverstaan: Namelijk een keuze voor ongelijke behandeling van Nederlanders, zelfs nu al, zonder dat de 2G maatregel van kracht is.

Weet dat ons (demissionair) kabinet er behoort te zijn voor alle Nederlanders. Ongeacht afkomst, huidskleur, geloof, leeftijd, geslacht, opleiding, handicap, hersencapaciteit en alle andere zaken waarop we als mensen kunnen verschillen. 

Tot de persconferentie van afgelopen vrijdag waren de coronamaatregelen, zoals de 1,5 meter en het vaccinatiebeleid, erop gericht om het virus in te dammen. Maar zonder het specifiek te benoemen is dit afgelopen vrijdag gewijzigd. Met de wetenschap dat de vaccins onvoldoende bescherming bieden tegen besmetting, was het logisch geweest de 1,5 meter regel overal opnieuw te introduceren. Door dit niet te doen kiest het demissionaire kabinet voor een beleid dat niet gericht is op het terugdringen van het aantal besmettingen, maar om juist het virus rond te laten gaan, met name onder gevaccineerden die zich veilig wanen met een door vaccinatie verkregen groen vinkje. Daarmee creëert het kabinet dus geen veiligheid maar juist onveiligheid: Op plekken waar de QR code geldt, vormen gevaccineerden een groot risico voor de andere groep, de niet-gevaccineerden. 

Hierdoor worden niet-gevaccineerden voor een voldongen feit gesteld: Hun gezondheid wordt niet overal beschermd door het overheidsbeleid. In alle gelegenheden die voor niet-gevaccineerden open zijn gesteld met een negatieve coronatest, lopen zij een significant risico besmet te worden door niet-gevaccineerden die zich van geen kwaad bewust zijn omdat ze zich gesteund voelen door het overheidsbeleid en het groene vinkje. Een groot gezondheidsrisico voor een nog vrij grote groep Nederlanders, gecreëerd door een overheid die weet dat deze maatregelen een gedeelte van haar burgers onvoldoende beschermt. 

Hoe is het mogelijk dat de verstandige keuze voor niet-gevaccineerden, locaties waar de QR code toegang geeft niet bezoeken, überhaupt door niet-gevaccineerden moet worden overwogen en zelfs tot een individuele keuze wordt gemaakt omdat het demissionair kabinet het niet nodig vindt om er voor alle Nederlanders te zijn? Van de tweedeling waarover wordt gesproken door invoering van het 2G beleid, is nu als sprake.

Natuurlijk kun je zeggen dat de meerderheid zich niet hoeft aan te passen aan de kleinere groep die het kabinetsbeleid niet wenst te volgen. Daar is nu echter geen sprake meer van. Met de wetenschap dat ook gevaccineerden nog steeds besmettelijk zijn en, weliswaar in mindere mate, risico lopen op ziekenhuisopname, kun je niet anders dan ook voor deze groep maatregelen te treffen om verspreiding van het virus tegen te gaan. Alleen maatregelen nemen voor niet-gevaccineerden is in deze fase van de pandemie te selectief om het virus te bestrijden.

Daarbij zou je kunnen zeggen dat niet-gevaccineerden er bewust voor kiezen om een groter gezondheidsrisico te lopen door het vaccin niet te nemen. Maar dat ontslaat onze demissionaire regering er niet van om ook de belangen van deze groep Nederlanders te vertegenwoordigen en maatregelen te nemen waar deze groep belang bij heeft. Door dat heel bewust niet te doen, dwingt de overheid deze groep andere keuzes te maken. Niet alleen om zichzelf zonder risico’s toegang te verschaffen tot specifieke voorzieningen, maar vooral om zichzelf te beschermen tegen gevaccineerden die zichzelf, gewapend met een groen vinkje, superieur wanen en een overheid die het verzuimt om alle Nederlanders te vertegenwoordigen. 

De tweedeling waarbij onderscheid wordt gemaakt op basis van een persoonlijke keuze is er nu al. Dat een overheid bewust keuzes maakt waarmee een gedeelte van haar burgers aan het lot over worden gelaten, is enorm verontrustend. Zeker als het vangnet een zorgsysteem is dat door jarenlange bezuinigingen tegen haar grenzen aan loopt. 

Wie stopt deze overheid voordat het écht om mensenlevens gaat?

Vinexpromenade

Met ‘De Grote Doorbraak’ veranderde in 1960 het Heerlense centrum voorgoed. Door de tot dat moment gesloten westkant van de Bongerd open te breken, ontstond de Promenade. Het moest Heerlens meest prestigieuze winkelstraat worden. Twee warenhuizen vormden de eerste twee hoekstenen van de Promenade. Aangezien gesloten warenhuizen op dat moment mode waren, vestigde De Grand Bazar (nu H&M) zich in een meer gesloten variant van de Bauhaus stijl aan de ene kant. Even later ruilde Schunck (nu Berden) het transparante Glaspaleis in voor een gesloten warenhuis op de andere hoek.

In 1968 en 1969 volgden de volgende hoekstenen: Twee bankgebouwen. De ABN op de zuidwestelijke hoek met de Geerstraat en de Boerenleenbank op de hoek met Honigmannstraat. De vijfde en laatste hoeksteen volgde in 1976, toen Brutalisme binnen de Nederlandse architectuur behoorlijk populair was en nog ontbrak in het centrum van architectuurstad Heerlen: Winkelcentrum De Plu mét stadskantoor vulde als laatste hoeksteen van het Promenadeproject deze leegte en kreeg brutalistische trekken.
Helaas kent het Brutalisme vandaag nog maar weinig liefhebbers. Waar de opmerkelijke architectuur van de Boerenleenbank net op tijd de waardering kreeg van de oplettende voormalig stadsarchitect Van Mastrigt en zo de sloopkogel nog net ontweek, gold dit niet voor De Plu.


Een meer recente architectuurstroming die nog maar weinig fans heeft weten te vergaren is de Vinexwoning. Door bevolkingskrimp is Parkstad dit verschijnsel redelijk bespaard gebleven, op enkele straten zoals het Vossepark op de Molenberg na. Bij Vinex-architectuur wordt door de architect en ontwikkelaars voornamelijk geprobeerd om zoveel mogelijk winst uit een zo klein mogelijk grondoppervlak te halen. Dit leidt tot appartementencomplexen of betrekkelijk smalle maar hoge huizen op een klein grondoppervlak. Het gevolg van deze ontwerpkeuzes is dat koken en leven op verschillende etages plaatsvinden en ouders en kinderen ieder ook over een eigen slaapverdieping beschikken. Dat deze woningen toch gretig aftrekken vinden komt vooral door de woningschaarste. Binnenkort gaan we kennis maken met de nieuwste Vinexoptimalisatie. Hierbij zijn de bovenste 3 lagen geschrapt en samengevoegd op de kleine begane grond: Het Tiny House.


Een Vinexvoorbeeld dichterbij het centrum van Heerlen is Klein Vaticaan. Dit zegt u niks? Dat begrijp ik. Klein Vaticaan is halverwege de Gasthuisstraat te vinden aan uw linker- en rechterhand. Dat u nooit de keuze heeft gemaakt dit gebied te verkennen vergeef ik u. Binnen Vinexontwikkelingen is er namelijk bijzonder weinig aandacht voor de openbare ruimte. Openbare ruimte levert niks op, dus mag het ook niet te veel kosten. Wat stenen en planten en verder niks. Mochten er toch mensen zich aangetrokken voelen om Klein Vaticaan te verkennen, ondanks dat er dus alles aan is gedaan om dit te voorkomen, dan is de poort tussen Klein Vaticaan en het Betaplein voor eeuwig gesloten. Stel je voor dat je pardoes dit gebied binnen zou lopen.

Een ander Vinexvoorbeeld is de wijk Céramique in Maastricht, waarvoor de grote architect Jo Coenen het masterplan tekende. Wat zegt u? Tijdens uw vele bezoeken aan de fraaie binnenstad van Maastricht heeft u nooit de oversteek van de Maas gewaagd om dit moderne deel van Maastricht van deze gerenomeerde architect te ontdekken? Ik kan u geen ongelijk geven. Van Wonderen tipte in zijn boek Treurtrips de regio Parkstad, ik beveel u in deze categorie graag Céramique aan.

Diezelfde Coenen zette als directeur van IBA Parkstad de eerste schetsen voor het Heerlense Promenadepark, toen nog wat ambitieuzer Central Park geheten. Ik moet u even uit uw droom helpen. Promenadepark is niet de vergroening van de Promenade, maar de bebouwing van Schinkel Zuid, het gebied waar De Plu stond en tot voor kort de Stadstuin was. Na wat kritiek op de plannen van Coenen vervinexeerde vastgoedontwikkelaar VOC deze zeer vakkundig nog wat verder. Zelfs inclusief mislukte pogingen om het ontwerp aan de richtlijnen van De Heerlense School te laten voldoen. Het motto was waarschijnlijk: fraaier kunnen we het niet maken, winstgevender wel.

Als inwoners van Heerlen moeten we ons hardop afvragen of we de komende 30 jaar (op z’n minst!) tegen deze Vinexpromenade aan willen kijken, of dat we liever meer Huisman (Maankwartier), Houben (Stadskantoor) of Feron (o.a. herontwikkeling Sporthuis Diana) willen. Architectonische kunstenaars die veel meer aandacht hebben voor de omgeving en ruimtelijke kwaliteit. Wat in ieder geval gewenst is, is veel meer brutalisme ten opzichte van vastgoedontwikkelaars.

Zeker hier.

Facebook gaat all in op AR en VR onder de naam Meta

Onder de naam Meta gaat Facebook all in op Augmented Reality (AR) en Virtual Reality (VR)!

Nu we door de coronacrisis de volop aan het Zoomen en Teamsen zijn geslagen is de stap naar vergaderen in VR een stuk kleiner geworden. En als een bedrijf als Facebook zo uitgebreid als in onderstaand filmpje van meer dan een uur aankondigt dat het volledig op deze technologie gaat inzetten, dan gaat er heel wat gebeuren!

Wat denk jij? Blijven we voorlopig nog naar schermen kijken of schuiven we binnenkort bij elkaar in een VR omgeving aan tafel om te vergaderen?

Ik heb in ieder geval alvast een avatar aangemaakt!

Uitreiking MTB Trail Award meest duurzame trail

Vandaag was ik uitgenodigd voor de uitreiking van de MTB Trail Award voor de meest duurzame trail. Mountainbike Ontwikkeling Zuid-Limburg won deze award voor hun samenwerking met andere partijen en investeringen in natuurontwikkeling. Een zeer verdiende beloning voor het team van MOZL!

Tijdens de bijeenkomst bij het Shimano Centre in Valkenburg werd mij door YouTuber MTB Challenge gevraagd om namens de bij MOZL aangesloten MTB verenigingen iets te zeggen voor de aftermovie:

Bij de eerste editie van de MTB Trail Awards in 2017 won onze vereniging MTB Discovery met de Strijthagenroute al een Award voor meest technische trail. Een heel prestigieuze categorie waarvoor sindsdien nooit meer een award is uitgereikt!

Actie in Maastricht!

DSM hoort bij Heerlen en Heerlen hoort bij DSM. Dat DSM de keuze heeft gemaakt om Heerlen te verlaten is natuurlijk belachelijk. Nog idioter is dat dit gedeeltelijk met gemeenschapsgeld zou moeten worden gefinancierd. Gelukkig hebben we dat al weten te voorkomen!

Maar we moeten ook voorkomen dat DSM letterlijk en figuurlijk in mijn achtertuineen groot gapend gat achterlaat. Als DSM niet bijdraagt aan de ontwikkeling van de Mijnstreek door er te blijven, dan moeten ze maar bijdragen op een andere manier, zoals ook Philips heeft gedaan toen het Eindhoven verliet.

Tijd voor actie! Dus mijn HRLN shirt maar eens uit de kast te getrokken en in dat shirt naar Maastricht en het gouvernement gegaan met gelijkgestemden! YOLO!

Promenadepark: Op eenheidsworst zit Heerlen niet te wachten

“Als mensen over 50 jaar naar de gebouwen in het Schinkelkwadrant kijken, wil ik dat ze zeggen dat ze typisch zijn voor de architectuur van die tijd.”

Dit zegt Miriam Jongen in de 6e aflevering over de serie artikelen die het oude en nieuwe erfgoed in Heerlen belicht. Maar zit Heerlen daar ook op te wachten?

Vorige maand publiceerde haar vastgoedbedrijf VOC op promenadepark.nl al de eerste impressies van de bouwplannen voor Schinkel Zuid. Eerder was al gecommuniceerd dat de plannen zouden passen binnen de ‘Heerlense School’. Uit deze impressies blijkt dat door het toevoegen van enkele verwijzingen naar andere gebouwen in Heerlen een poging is gedaan om daaraan invulling te geven. Maar het geven van invulling aan de Heerlense School is daarmee juist níet geslaagd.

Doelstelling van De Heerlense School is het vergroten van de kwaliteit van de bebouwde omgeving. Heerlen heeft een behoorlijke reputatie op het gebied van vooruitstrevende architectuur en de Heerlense School moet ervoor zorgen dat die positie ook in de toekomst behouden blijft. Daarom dwingt De Heerlense School af dat elke nieuwbouw en/of verbouwing zich laat inspireren door de mensen, architectuur en gebouwen die zich daar ooit bevonden.

Als ik naar de impressies voor het Promenadepark kijk, concludeer ik dat dit niet is gebeurd. De Promenade was ooit een winkelstraat van grote allure, één van de modernste van Nederland. Voordat de Promenade werd gerealiseerd bevonden zich aan de Geerstraat ooit fraaie herenhuizen. Dit, en andere gebouwen in de omgeving, zoals het theater en de flats ernaast, geven in de directe omgeving meer dan voldoende context om een nieuw ontwerp op te inspireren. Maar in het ontwerp voor Schinkel Zuid zie ik noch moderne allure, noch de allure van stadse herenhuizen of een aansluiting op de bebouwing rondom het Van Grunsvenplein. Slechts een aantal elementen verwijzen naar een aantal (willekeurige?) andere Heerlense gebouwen. Daarmee is het ontwerp voor Schinkel Zuid totaal niet geïnspireerd op hetgeen zich daar, of in de omgeving, ooit bevond. Dit ontwerp zou net zo goed gebouwd kunnen worden op nieuwbouwlocaties in Almere, Leidsche Rijn of Houten. Sterker nog, het is inderdaad de vinex architectuur die typisch is voor deze tijd. Precies wat Jongen ambieert maar waar we in Heerlen niet op zitten te wachten. En dat is dan ook wat De Heerlense School moet voorkomen.

Heerlense School en Historiserend Bouwen geen synoniemen

Daarnaast beweert Jongen in het artikel in De Limburger dat De Heerlense School synoniem is voor Historiserend Bouwen. Dat is niet waar, de Heerlense School geeft juist heel bewust veel meer ruimte dan alleen Historiserend Bouwen. Nieuwe gebouwen die in Heerlen zijn of worden gerealiseerd, zoals het Maankwartier, het stadskantoor en de in aanbouw zijnde woningen bij Sporthuis Diana, zijn wel heel duidelijk geïnspireerd op hun omgeving zoals de Heerlense School voorschrijft, maar zeker niet ontworpen volgens de principes van Historiserend Bouwen.

Het Maankwartier put onder andere inspiratie uit carréboerderijen en de industriële gebouwen van de ON mijn, het stadskantoor is geïnspireerd op het naastgelegen gemeentehuis en de woningen bij Sporthuis Diana zijn geïnspireerd op de voormalige muziekschool en de Schelmentoren. Door deze ontwerpen, zelfs binnen Heerlen, te verplaatsen, verliezen ze hun context. Dát is voldoen aan de voorwaarden die zijn gesteld binnen De Heerlense School. Bij het Promenadepark zie ik deze contextuele inspiratie (nog) niet.

Daarom roep ik op om de ontwerpers terug te sturen naar de tekentafel, zodat er op Schinkel Zuid voor minimaal de komende 30 jaar wél iets komt dat van waarde is voor Heerlen. En niet iets dat typisch is voor de architectuur van deze tijd en net zo goed in Leidsche Rijn had kunnen staan. Op eenheidsworst zitten we in Heerlen namelijk niet te wachten.

Inkomensverschillen bij dertigers uit Schaesberg

Afgelopen week stond dit artikel over inkomensverschillen bij dertigers uit Schaesberg in De Volkskrant. Mijn generatie én ook nog eens de plek waar ik ben opgegroeid dus! In het artikel wordt dan wel specifiek verwezen naar de wijk ‘t Eikske, een wijk die in de jaren 80 uit de grond werd gestampt op de plek waar voorheen de Oranje Nassau II mijn stond, ik groeide op in de jaren 70 wijk ‘Achter de Winkel’ die daar net naast ligt. 

Maar goed, het gaat dus over inkomensverschillen. Onderzoek heeft uitgewezen dat als je in onder andere Landgraaf, Heerlen of Kerkrade bent geboren tussen 1982 en 1987, je huidige inkomen sterk afhankelijk is van het inkomen van het gezin waarin je bent geboren. Om hiervoor verklaringen te zoeken, wordt ingezoomd op Schaesberg. Een basisschooldirecteur, socioloog en welzijnswerken komen met de twee verklaringen die altijd worden genoemd als het over dit soort kwesties gaat:

  • Kinderen uit arme gezinnen kregen een lager schooladvies dan kinderen uit rijke gezinnen.
  • In arme gezinnen werden kinderen minder gemotiveerd om te gaan studeren. 

De verklaringen die we in deze regio al langer kennen dus. Maar als ‘ervaringsdeskundige’ op dit vlak, ontbreekt er voor mij 1 belangrijke factor: De straat. 

De straat had meer invloed

Onze generatie was namelijk de generatie die net het laatste staartje meekreeg van de door Vietnam veteranen van de Afcent ontketende drugsproblematiek, die de Mijnstreek na het sluiten van de mijnen overspoelde. Hierdoor ontstonden er in Schaesberg op straat 2 soorten hanggroepen: Bij de ene groep hoorde je erbij als je naar een betere (Havo en hoger) middelbare school ging, en bij de andere groep hoorde je erbij als je streetwise was. En streetwise werd in onze regio dus al snel drugsgerelateerd. 

De kant die jouw hanggroep op ging, was vooral afhankelijk van de alpha persoon in de groep, of het voorbeeld dat de generatie voor jou gaf. Voorbeeld deed namelijk volgen; zowel goed als slecht en van voorgangers en alpha’s. Het is natuurlijk evident dat het voorbeeld in een rijkere straat anders was dan het voorbeeld in een armere straat. En de groepen die het verkeerde pad kozen, begonnen doordat ze in aanraking kwamen met drugs niet met een kleine achterstand aan hun werkzame leven, maar kregen gelijk een joekel van achterstand mee. En voilà, daar heb je het grote verschil in inkomen tussen de dertigers van nu. 

Zo kon het dus gebeuren dat 5 jongens uit gezinnen met middeninkomens uit één straat allemaal minimaal een hbo opleiding afrondden (en bij de 6e die iets meer op de rand balanceerde kwam dat later ook nog goed) en in de straten ernaast, met een vergelijkbare populatie, het resultaat heel anders was. 

Misschien was de straat wel een belangrijkere factor dan het schooladvies en motiverende ouders… 

Grootstedelijke waanzin in het dorp Schaesberg

In de Limburger stond vandaag dit fraaie artikel over de wijk waar ik opgroeide. Achter De Winkel wordt hierin ‘een lesje voor Landgraaf’ genoemd 🙂

Destijds realiseerde ik het mij niet zo, maar nu ik de historie beter ken moet het natuurlijk heel vreemd zijn geweest die grootstedelijke hoogbouwflats in een dorp als Schaesberg…

Alternatieven voor TK-Maxx

Gisteren kondigde Hart Leers op Facebook de mogelijke sluiting van de TK Maxx in Heerlen aan. Oorzaak hiervan zou zijn dat de gemeente niet zou meewerken aan een betere zichtbaarheid van het TK-Maxx pand door de bomen voor het pand niet te kappen of snoeien en de vergunning van de eveneens in het zicht staande Smulbar te verlengen. Want als het TK-Maxx pand beter zichtbaar is, zullen de omzetcijfers door het dak schieten is de redenatie!

Blijkbaar leven ze bij TK-Maxx, verhuurder Metroprop en Hart Leers nog in het tijdperk dat een zichtlocatie een significant verschil in omzet maakt. Maar de tijd dat mensen doelloos door de winkelstraten slenteren wanhopig op zoek naar plekken om hun geld uit te geven aan dingen die ze dringend of iets minder dringend tot totaal niet nodig hebben, is toch echt wel voorbij. Zeker in Heerlen. Het aantal passanten in de Heerlense winkelstraten is de laatste jaren immers flink gedaald. Er zijn heel wat andere mogelijkheden voor ontspanning bijgekomen de laatste jaren en de funshoppers die er zijn, kiezen niet meer voor Heerlen als jachtgebied.

Toch zijn funshoppers wel de doelgroep van TK-Maxx. Gericht shoppen is door het snel wisselende assortiment namelijk nogal lastig. Je hebt geen idee wat je gaat aantreffen als je naar binnen gaat, laat staan waar je daarna mee naar buiten komt. Zo’n concept kan in Heerlen alleen functioneren als een lagere omzet gecompenseerd wordt door lagere vaste lasten of voldoende grote marges om de vaste kosten te dekken en zo een mooi bedrijfsresultaat te genereren. Blijkbaar slaagt TK-Maxx daar niet in en moet een beter zichtbare gevel meer klanten naar binnen trekken om de omzet verhogen.

Natuurlijk gaat dat ook met een beter zichtbare gevel niet gebeuren. De mensen die in Heerlen winkelen, winkelen gericht en weten TK-Maxx heus wel te vinden tijdens hun ronde door het centrum. We kunnen er dus van uitgaan dat TK-Maxx vroeg of laat vertrekt. Maar welke mogelijkheden zijn er dan nog voor dit pand?

Optie 1. Slopen, net al de Plu
Eerst even een stukje historie. Dit pand is in de jaren 1920 gebouwd als eerste vestiging van V&D in Heerlen. In 1958 ging V&D naar het nieuwe Raadhuisplein, het is mij onduidelijk of de V&D aan de Bongerd toen sloot of dat dit pas gebeurde toen V&D in de jaren 1970 verhuisde naar het hoekpand van de Promenade. Het pand aan de Bongerd werd in ieder geval omgebouwd tot winkelcentrum ‘De Bongerd’. Er kwam een donkere passage tussen Bongerd en Geleenstraat waaraan meerdere kleinere winkeltjes gevestigd waren. Ook zat op de bovenste verdieping lange tijd een Mexicaans restaurant. Toen de meeste winkeltjes weer waren gesloten kwam na lange tijd leegstand en een flinke verbouwing de vestiging van TK-Maxx.

Over het algemeen is mijn mening over de toekomst van (voormalige) winkelcentra in Heerlen vrij simpel. Of het nu De Plu, De Klomp, ‘t Loon of het Corio betreft: Slopen die handel. Maar De Bongerd is daarop een uitzondering. Naast het Glaspaleis en tegenover de jaren ‘70 panden op de Bongerd vormt dit pand een typisch Heerlens contrast dat behouden moet blijven. Daarnaast is het een fraai exemplaar van één van de eerste (zoniet het eerste) warenhuizen in Heerlen en het enige in traditionele baksteen. Ook biedt het pand gezien de locatie nog voldoende ontwikkelingsmogelijkheden.

2. Een ander grootwinkelbedrijf als huurder
Een andere optie is het opnieuw verhuren aan een ander grootwinkelbedrijf. De vraag is hoe lang dit goed gaat. Veel grootwinkelbedrijven hebben het moeilijk en vechten tegen een faillissement. De meesten lijken ook niet in de rij te staan voor een vestiging in Heerlen, getuige de grote inzet van Metroprop om TK-Maxx te behouden.

Eén grootwinkelbedrijf is wel interessant voor De Bongerd: C&A uit ‘t Loon halen en naar het echte centrum brengen. Daarmee wordt het winkelgebied definitief verkleind,  hetgeen mogelijkheden biedt voor een steeds groter wordende wens van veel Heerlenaren: Een andere invulling voor het gebied van ‘t Loon.

3. Een geheel andere invulling
Mijn favoriete optie is een geheel andere invulling van ‘Winkelcentrum De Bongerd’. Winkels die het goed doen in Heerlen zijn de wat kleinere winkelconcepten die geen onderdeel zijn van een grote keten. Zeg maar de Streetwise concepten. De Bongerd biedt mogelijkheden om elkaar versterkende concepten te bundelen tot een gethematiseerde ‘shopping beleving’ op het gebied van mode, food, interieur, design of een andere creatieve groep ondernemers die door de krachten te bundelen de Heerlense lente samen verder kunnen inkleuren en zo hun stempel op de stad drukken. Waarom kan bijvoorbeeld het foodcourt dat in Schinkel Zuid komt, niet in de Bongerd worden gevestigd?

Brunssum toont voorbeeld van de Heerlense School

Heerlen heeft een rijke architectuurhistorie, die het behouden waard is en waar in de toekomst verder op kan worden gebouwd. Michel Huisman en Francine Houben tonen dit aan met respectievelijk het Maankwartier en het nieuwe Heerlense stadskantoor. Om Heerlen te behouden van architecturale middelmatigheid, schreef ik met een aantal anderen het inmiddels aangenomen raadsvoorstel ‘De Heerlense School’.

Eén van de onderdelen hierin is dat het verleden onderdeel moet zijn van de toekomst. In Brunssum hebben ze in ieder geval alvast begrepen op welke manier dit kan en ook hier lijdt dit tot een bijzonder resultaat! In dit nieuw te bouwen appartementencomplex is een fraaie en duidelijke verwijzing opgenomen naar de mijnschacht van de voormalige Emmamijn!