Al is het maar omdat we het niet gewend zijn


Op het plein staat een klein huisje. Aan een muur ertegenover hangt een groot doek met 9 foto’s erop. De picknicktafel waaraan wij zitten staat in de schaduw van één van de bomen. Buiten ons twee is er verder niemand op het plein. We praten nog even na over onze bescheiden bruiloft en de opening van Cultura Nova gisteren.

Aan de andere kant van de poort die toegang biedt tot het plein zien we hoe de drukte die Cultura Nova naar de stad brengt voorbij trekt. ‘Vroeger was hier toch de muziekschool, nietwaar?’

Een vriendinnengroepje komt uit de drukte het plein op. Rondom de andere boom die het plein siert is een bank gemaakt, waar de vriendinnenclub op plaats neemt. Een man stapelt een aantal pallets op elkaar. Uit zijn handen ontstaat een klein podium onder het doek met de foto’s. Het broodje saté smaakt prima.

Voorzichtig komen meer mensen het plein op. De foto’s op het doek worden besproken. Het thema is ‘Vakantie in Parkstad’ en een man met een Wikipedia pagina waarop een indrukwekkende lijst bestuurlijke affaires prijkt, kiest uiteindelijk geen winnaar. Blijkbaar is in deze wedstrijd deelnemen belangrijker dan winnen.

Voordat we het plein verlaten snuiven we nog even wat geur op in het huisje. Door de warmte is het een soort geursauna geworden maar het ruikt er erg lekker. Bij de deur vinden we potjes met groen spul die naar het Van Grunsvenplein moeten. Dat plein heeft nu wel een leuk urban park maar het moet toch écht nodig nog verder vergroenen en bovendien komen we er langs, dus we brengen het potje er maar heen.

Terwijl we het Betaplein verlaten constateren we tevreden dat even rustig zitten op een pleintje in Heerlen tegenwoordig geen optie meer is. Voor je het weet loopt het plein vol en gebeurt er vanalles leuks. Op Facebook zag ik zojuist zelfs dat er dit weekend IN HET CENTRUM VAN HEERLEN op straat is gedanst! En het was geen breakdance deze keer… Zoiets heb ik eerder alleen in Cuba gezien.

Met de souplesse van een Heerlense junk uit lang vervlogen tijden zuig ik met een spuit het groene spul uit het potje en injecteer het goedje in het Van Grunsvenplein. Ik bedenk dat het nu echt niet meer leuker moet worden in Heerlen.

Al is het maar omdat we dat niet gewend zijn.

Door een storing in de communicatie is dit artikel eerder dit jaar niet verschenen als gastblog op een andere site. 

Het gebeurt in Heerlen

Wat een weekje was het hè! Je hoefde deze week de deur niet eens uit om te genieten van je favoriete stad. Het begon maandagavond al met een documentaire over onze Frans. Onze Frans praat gewoon over de hele wereld met allemaal belangrijke mensen, maar het liefst praat hij toch met de mensen aan de bar in ons Café Pelt. Als Heerlenaren onder elkaar begrijpen we dat.

Deze blogpost is mijn eerste voor ‘Ik ben in Heeren wat nu?’. Lees daar verder hoe deze week afloopt…

Een reiger
die als een fenix verrijst uit het verleden, het is een bijzonder beeld. Niet
alleen de vurige wens die het beeld uitstraalt, maar ook de manier waarop het
tot stand is gekomen: Niet de overheid, maar 104 Heerlenaren, waaronder ikzelf,
legden 13.000 Euro bij elkaar omdat ze vonden dat dit beeld er moest komen. 

De tijd van afwachten tot de
belofte, die lang geleden is gedaan, eindelijk wordt ingelost, is voorbij. Door zelf
aan de slag te gaan, de handen ineen te slaan en er zelf iets van te maken kunnen we Heerlen laten herrijzen uit het verleden.

We. can. be. Herons.

Op 8 april 2016 won Parkstad de Tourism for Tomorrow Best Destination Award.

Op 10 oktober 2016 werd Heerlen
uitgeroepen tot evenementenstad van het jaar tot 100.000 inwoners.

De reiger is geen toekomstwens.
De fenix is al herrezen.

We can be are Herons. Maar
je moet het wel zelf willen zijn.

Nooit meer Heerlen

Na de scheiding verliet mijn moeder Schaesberg voor een nieuwbouwappartement in Heerlen. Vanaf dat moment woonde ik om de week in Heerlen en leerde ik de Laagtijdagen van de stad écht kennen. Het appartement lag dicht bij het centrum, tussen de Klompstraat en de Gasthuisstraat.

In de grotere portieken was paarsblauwe verlichting aangebracht die de junks moest weren. Toch lag er met enige regelmaat een junk te slapen in het kleine portiekje zonder paarsblauw licht bij de achteruitgang van het appartementencomplex. Zelden was er iets te doen als ik op zaterdag een rondje door de stad maakte. Op zondag al helemaal niet. Mijn vrienden trokken weg voor hun studie. Al snel trok ik dezelfde conclusie. Nooit van mijn leven zou ik in Heerlen gaan wonen.

Het ideale moment om Heerlen voorgoed de rug toe te keren was voor mij na het afronden van de HEAO in Sittard. Ik vond een mooie baan in Brabant en verhuisde samen met mijn vriendin naar ‘Holland’. Toch begon het na 10 jaar Brabant en Gelderland en maandelijkse bezoeken aan Heerlen weer te kriebelen. Die Limburgse heuvels zijn wel erg mooi, niet waar? En de familie in de buurt is ook wel prettig, toch? Toen de mogelijkheid er was om met behoud van inkomen terug te keren naar Limburg was de keuze snel gemaakt.

Maar waar gaan we dan wonen? 

Dit verhaal is geschreven voor de schrijfmarathon van Heerlen Vertelt. Het verhaal is verder te lezen op Heerlen Vertelt

Dansen op karton

Schijnbaar heeft de Pokémon rage nu ook Heerlen bereikt en zijn er nogal wat Pokémons te vinden. Terwijl ik afgelopen zaterdag door de stad liep zag ik namelijk opvallend veel groepjes jongeren lopen, hetgeen al snel opvalt in een stad die naar men zegt snel vergrijst. Het viel me ook op dat die jongeren allemaal überhip gekleed waren. Stoere petjes, een paar goede sneakers en onder de mouwen van hun shirts, als de shirts al mouwen hadden, kwamen gespierde armen vandaan.

Via een kleine rondgang kwam ik op het Betaplein terecht. Bij de ingang stond iemand pirouettes te draaien. Ondersteboven welteverstaan. Even verderop was van karton een dansvloer gemaakt. Eromheen bevond zich een menigte van drie rijen dik. Vanuit een tentje draaide een DJ hiphop muziek en een speaker zweepte het publiek op.

Terwijl de speaker de ‘battlers’ verzocht naar de dansvloer te komen zocht ik tussen de menigte een plekje met goed zicht op de dansvloer .

Aan de rand van de dansvloer vormden zich twee groepen van vier jongens van midden 20. De speaker vertelde dat de battle 8 minuten zou duren en dat het team rechts van hem mocht beginnen. Eén van die jongens stapte naar voren, keek uitdagend naar de overkant en begon rustig te bewegen op de muziek. Nog geen vijf tellen later vloog hij ondersteboven door de lucht en nog even later maakt hij op de grond bewegingen waarbij het een wonder was dat

toen hij weer rechtop stond verschillende ledematen niet van plek waren verwisseld. Hij knikte naar de overkant. Nu was het blijkbaar hun beurt. Dat ging acht minuten zo door waarbij de trucs steeds spectaculairder werden. Het publiek joelde en klapte bij iedere stunt. Na 8 minuten was het inderdaad gedaan. Volgens de speaker had het team rechts van hem gewonnen.

Ik verplaatste mijzelf naar een tent die op de Bongerd stond. Hier werd gedanst door 4 meiden van een jaar of 14 die in teams van twee elkaar uitdaagden. De ledematen vlogen door de lucht en over de vloer in onnavolgbare bewegingen. De trucs waren zeker niet minder dan de oudere jongens op het Betaplein. Het publiek joelde en klapte. De meiden aan mijn kant van de tent wonnen. Met een omhelzing werden ze gefeliciteerd door de andere twee.

Ik verliet de tent en probeerde mijn houterige motoriek te verbergen door zo soepel mogelijk naar huis te lopen. Bijna struikelde ik over mijn eigen benen. Ik besloot om de kortste weg naar huis te nemen. En de komende 48 uur binnen te blijven.

Geen kaarten

Voor afgelopen weekend had ik 2 goede excuses om een feestje te missen. De eerste was dat de kaarten in een mum van tijd waren uitverkocht. De tweede was dat ik überhaupt kaarten moest kopen.

Die tweede zal ik even toelichten. Voordat ik terug naar Heerlen verhuisde, nu ruim een jaar geleden, woonde ik in Tiel. Hoe dat precies zo is gekomen zal ik je besparen. Ik woonde in Tiel, punt. In Tiel noemen ze Parkcity Live ‘Appelpop’. In de tweede week van september staan daar 2 dagen lang op 3 podia dezelfde Nederlandse A artiesten en buitenlandse B artiesten als op Parkcity Live. Eigenlijk is er maar 1 verschil: Bij Appelpop is de toegang GRATIS. Je betaalt niets. Nada. Niente! 

Uitverkocht? Bestaat daar niet. Je kunt daar gewoon altijd naar binnen lopen. Hoe ze dat daar in Tiel doen weet ik niet precies. Iets met heel veel vrijwilligers, goede sponsoring en een beetje duurder bier zorgen ervoor dat iedereen gewoon naar binnen kan lopen. Dat maakt Appelpop zo speciaal dat 3FM jaarlijks vrijkaartjes voor het festival weggeeft aan al haar luisteraars. Dat iedereen toch al gratis naar binnen mag, doet er voor 3FM niet zoveel toe.

Dit weekend zag ik veel foto’s voorbij komen van mensen die het erg gezellig hadden op Parkcity Live voor 60 Euro. Op zich prima voor 2 dagen plezier. Ikzelf heb eigenlijk meer met festivals die een beetje meer eigenwijs zijn. Festivals die geen dingen doen omdat het zo moet, maar gewoon omdat het kan. Vooral omdat ik er dan ook nog gewoon naar toe kan als ik even niet op heb zitten letten. Ik vind dat gewoon prettiger, zeg maar. Misschien moeten de organisatoren van Parkcity Live in september eens in Tiel op cursus gaan…

Dit weekend is het gras van het Bekkerveld weer gratis toegankelijk. Om te picknicken ofzo. Mocht je er 25 euro voor over hebben om te picknicken, dan kan dat ook, aan de andere kant van de stad. In het Aambos is A Night in the Woods.  Er zijn er nog kaarten, ook voor mensen die even niet op hebben zitten letten. Krijg je er muziek, film en foodtrucks bij. Voor de dansers is zaterdag Essential op Coriopolis. Hier zijn nog kaarten voor 30€. De week erna is het zowel in Aambos als het Bekkerveld en Coriopolis weer gewoon gratis toegankelijk. Dan moet je wel weer je eigen film, muziek en foodtrucks meebrengen. 

Zondagmiddag in het Zuiden

13.02 uur: Op de bovenste etage van het Glaspaleis stappen we de lift uit voor een Koempelbroodje van Brasserie Mijnstreek.  Mét uitzicht over Heerlen.

13.51 uur: We dalen af naar de kelder van het Glaspaleis. In Schunck verwonderen we ons over de fraaie Modernistische architectuur van Mies van der Rohe.

14.37 uur: Er valt even een buitje, dus op de ProFreestylebaan op het Pancratiusplein is even niets te doen. We lopen door naar het Bierfestival in de Morenhoek. Bier drinken gaat immers ook prima in de regen.

17.49 uur: En een paar speciaalbiertjes later stappen we Smaak en Vermaak binnen op het Pancratiusplein. Ik ga voor een uitstekende Spaanse stoofpot.

19.13 uur: Toch nog even kijken naar de kunsten van de BMX’ers bij ProFreestyle. Wat kunnen Zondagmiddagen in het Zuiden toch mooi zijn.

Met dank aan VVV Heerlen voor de gratis gewonnen lunch bij Brasserie Mijnstreek en de kaartjes voor de expositie van Mies van der Rohe.

Wat voegt IBA toe aan Parkstad?

Zondagmiddag was ik even bij het IBA Festival in Kerkrade, IBA Parkstad is namelijk één van de heetste onderwerpen van het moment in Heerlen en omstreken. Er wordt veel gepraat en geschreven over IBA Parkstad, maar ik begrijp er nog niet veel van. Wat ik wel begrijp is dat IBA gaat zorgen voor veel verandering in de openbare ruimte. Maar wat, hoe en waarom is voor mij nog niet duidelijk. Aangezien verandering altijd spannend en leuk is, probeerde ik mij op het IBA Festival verder te verdiepen in IBA Parkstad.

Internationale Bau Ausstelling

IBA is een Duits concept dat staat voor Internationale Bau Ausstellung. IBA heeft als doel verschillende projecten te bundelen zodat deze samen van betekenis zijn voor de ontwikkeling van een stad of gebied. IBA Parkstad eindigt in 2020 met een tentoonstelling van de gerealiseerde projecten.

In 2014 is IBA Parkstad gestart met een open oproep naar buitengewone ideeën om te realiseren in Parkstad. Aangezien ik in 2014 even niet in Parkstad woonde, heb ik het begin van IBA Parkstad gemist. Wellicht dat ik ook hierdoor een beetje moeite heb om het concept te begrijpen. Er zijn destijds in ieder geval bijna 300 ideeën verzameld, waarvan er nu 50 zijn geselecteerd die daadwerkelijk worden gerealiseerd. 

IBA Festival

Tijdens het IBA Festival kon kennis worden gemaakt met deze projecten. Of ja, eigenlijk alleen de 10 projecten die deelnamen aan de projectenmarkt. Het was dus eigenlijk meer een feestje dan een festival. In een poging een beeld te krijgen van de diverse projecten, liep ik langs tafeltjes. Echt een goed beeld krijgen lukte daarbij meestal niet. Veel van de projecten waren nog abstract en weinig praktisch. Net toen we weer wilden gaan, zagen we op een pilaar een A4’jte hangen dat er op de 2e verdieping ook nog een film werd vertoond. Wellicht hielp die beter bij de beeldvorming.

Ondanks de matige aankondiging in de vorm van een simpel A4’tje, bleek de film het hoogtepunt van het festival. In de bol van het Continium kwamen we eerst in een moderne filmzaal waar een introfilm werd vertoond. Vervolgens daalden we een trap af en kwamen we in een bijzondere ruimte. Vanaf de glazen balkons keken we in een enorme put waar op de bodem en het onderste deel van de wanden een tweede film werd vertoond. Hierin kwamen alle 50 projecten voorbij. Het was erg gaaf gemaakt, maar de projecten kwamen in zo’n enorme vogelvlucht voorbij dat ik er nog steeds weinig van begreep.

Waarom een IBA?

Ondertussen begin ik langzaam wel te begrijpen wat IBA precies doet. IBA verzamelt initiatieven en projecten van burgers en andere belanghebbenden om deze te op een professionele wijze te realiseren om de leefomgeving een impuls te geven. Dat roept bij mij alleen maar meer vragen op. Want wacht eens even… Is dat niet gewoon de taak van de gemeenten en provincie? Luisteren naar de burgers en hierop actie te ondernemene en zorgdragen voor een prettige leefomgeving? Vult IBA Parkstad niet gewoon het gat dat door middelmatig werk van gemeente en provincie is gecreëerd? Is IBA niet slechts een pleister op een wond van slecht functionerende overheidsinstanties?

En waarom worden er maar 50 projecten gerealiseerd? Dat wil zeggen dat er ergens op een kantoor in Parkstad nog een stapel van 250 ideeën ligt waarvan een gedeelte waarschijnlijk meer verdient dan een Waterloo in een paperversnipperaar… Is het niet beter om te werken aan een klimaat waarin ook deze ideeën kunnen worden gefinancierd en gerealiseerd, in plaats van te focussen op een door een jury geselecteerde 17%?

En waarom is er een einddatum aan gekoppeld? Houdt het veranderingsproces dan op en stoppen we dan weer met luisteren naar burgers en het uitvoeren van middelmatige plannen die zijn bedacht in de ivoren torens van gemeente- en provinciehuizen?

En heeft Parkstad dat IBA stempel echt nodig? De laatste jaren zijn we immers best goed bezig in Parkstad. Gebieden als Park Gravenrode en het Heerlense centrum zijn en worden nog steeds op een originele en succesvolle manier herontwikkeld, mede door initiatieven van burgers. Natuurlijk moet deze manier van werken eenvoudiger toegankelijk en verder volwassen worden gemaakt. Projecten als het Maankwartier en de Murals zijn voorbeelden hiervan maar vallen buiten de scope van IBA. Wat voegt het IBA stempel dan nog toe? Mede door het tijdelijke karakter en het beperkte aantal gerealiseerde projecten binnen het concept?

Binnen IBA Parkstad worden wellicht heel gave projecten gerealiseerd maar die hele heisa rondom IBA begrijp ik nog steeds niet. De transformatie is namelijk al geruime tijd geleden in gang gezet en gaat voorlopig nog wel even door. Daarbinnen zou je 50 projecten het stempel IBA Parkstad mee kunnen geven, zodat die alle aandacht opeisen. Maar daarmee doe je eigenlijk heel veel andere projecten die onderdeel zijn van de transformatie tekort. 

“We kunnen niet precies de vinger leggen op wat urban is, maar het gevoel is goed.”

– Wethouder Barry Braeken tegen weblog ZwartGoud.

Verantwoordelijk wethouder Barry Braeken weet blijkbaar ook nog niet precies wat ‘Urban Heerlen’ precies betekent. Hij doet deze bekentenis in dit interview met ZwartGoud. Is dit juist dit de kracht van het thema

Urban, dat niemand er de vinger op kan leggen? Een thema dat nog niet tot in het kleinste detail is uitgewerkt, dat nog veel ruimte biedt voor de invulling?

Bidboek Urban Heerlen

Naar aanleiding van het interview las ik ook maar eens de conceptversie van het bidboek Urban Heerlen, waarin onderstaande 25 ambities voor het Heerlense centrum zijn beschreven. Zo’n centrumplan stroomt doorgaans over van de groeiambities zoals het bouwen van grote winkelcentra, binnenhalen van grote winkelketens en gigantische kantoorgebouwen die voor werkgelegenheid moeten zorgen.

De rol van een binnenstad

Waar andere centrumplannen ambitieus en optimistisch zijn, is dit centrumplan vooral realistisch maar zeker niet minder ambitieus. In plaats van winkels en kantoren bij te bouwen, begint dit plan met de verrassende ambitie om het aantal winkels en kantoren juist flink te verminderen. Het onderkent het veranderde gedrag van de centrumbezoeker:  

De moderne binnenstad is geen koopgoot meer, geen winkelrondje waarbij de tassen volgeladen
worden en de bezoeker dan naar huis gaat. […] De moderne binnenstad
trekt bezoekers omdat er iets te beleven valt. 

Een zeer sterke observatie, waar ik het volledig mee eens ben. Het gedrag van de centrumbezoeker is veranderd en dat vraagt om een andere invulling van binnensteden: Een plek voor beleving, ontmoeten en vermaak.

Experimenteel en eigen identiteit

Dit bidboek sluit heel goed aan op de huidige ontwikkelingen in binnensteden en de krimp in de regio. Het is anders, gewaagd, ambitieus en biedt nog veel ruimte voor initiatieven. Kortom, het is experimenteel met een eigen identiteit en dat maakt het zeer interessant. 

The future cannot be predicted, but futures can be invented. – Dennis Gabor, 1963.

De 25 ambities voor Urban Heerlen

Mocht je willen weten wat de 25 ambities voor Urban Heerlen zijn, ik heb ze even voor je onder elkaar gezet (want dat had nog niemand anders gedaan).

Detailhandel, horeca, kantoren en wonen 

1. We hebben de ambitie om 40% van de retailmeters in het centrum uit de markt te halen, daarvan
hebben we minimaal de helft in 2020 gerealiseerd (circa 20.000 m2). 

2. We halveren de leegstand in het kernwinkelgebied (circa 8%). 

3. Er komen in het centrum minimaal 20 nieuwe winkelformules waarvan 10 nieuwe starters die het
urban profiel versterken. 

4. Planologische belemmeringen voor horeca worden weggenomen als dit leidt tot het verminderen
van winkelmeters of een betere verbinding/integratie tussen detailhandel en horeca. 

5. We hebben de ambitie om 40% van de kantoormeters in het centrum uit de markt te halen,
daarvan hebben we minimaal de helft in 2020 gerealiseerd (circa 20.000 m2). 

6. We transformeren minimaal 5.000m2 leegstaand vastgoed naar broedplaatsen voor creatieve
industrie. 

7. We voegen 370 woningen toe in het centrum waarvan 100-150 jongeren/studentenwoningen en
50-100 grondgebonden/stadswoningen. 

8. Buiten het kernwinkelgebied wordt wonen op de begane grond toegestaan en gestimuleerd.

Openbare ruimte

9. Wij zullen een eenduidig profiel maken voor de openbare ruimte van Heerlen waardoor de
samenhang tussen en het profiel van de verschillende delen van het centrum op straat tot uiting
komen. Bij ingrepen in de openbare ruimte zal dit profiel steeds gehanteerd worden met daarbij de
toevoeging van urban green. 

10. Wij zullen de volgende pleinen herinrichten volgens bovengenoemde principes: het Van
Grunsvenplein, de Bongerd, het Raadhuisplein en het Zuidplein van het Maankwartier. 

11. Wij zullen minimaal twaalf gevels weer in hun oude staat herstellen.

Cultuur, erfgoed, sport en onderwijs

12. Wij realiseren een volwaardig filmhuis in het centrum van Heerlen. 

13. Wij creëren een broedplaats voor (jonge) makers in de podiumkunsten. 

14. Er vinden voor 2020 minimaal 6 producties in ons centrum plaats met een bovenregionale
uitstraling. 

15. Beeldbepalende panden moeten bij herontwikkeling gerestaureerd en herbestemd worden. 

16. We verdubbelen minimaal het aantal bezoekers aan ons archeologisch erfgoed. 

17. Er komt een voorziening voor minimaal 2 urban sports. 

18. In 2020 studeren minimaal 200 studenten in de binnenstad van Heerlen.

Evenementen, leisure, beleving en stadsmarketing

19. We voegen per jaar een urban evenement toe met een (boven)regionale aantrekkingskracht en
organiseren jaarlijks een urban winterevent. 

20. Ieder jaar worden er drie kwalitatief hoogstaande straatkunstwerken toegevoegd. 

21. We faciliteren maximaal leisureconcepten in ons centrum, zowel indoor als op straat. 

22. De aanpak van het centrum gaat gepaard met een uitgebreide stadsmarketingcampagne.

Duurzaamheid, asbestsanering en vervoer

23. We zullen 5000 zonnepanelen plaatsen in het centrum, bij elk project de maximale inspanning
verrichten om de fysieke objecten op mijnwater aan te sluiten en bij elk project de fysieke objecten
maximaal isoleren. 

24. We zullen bij elk project de fysieke objecten volledig asbestvrij en bruikbaar materiaal dat bij
sloop of verbouwing vrij komt inzetten voor hergebruik. 

25. We realiseren een bewaakte en overdekte fietsenstalling aan de noordkant van het centrum en
streven naar goede busverbindingen naar de leisure-ring, de smart services campus en de
onderwijsboulevard.

Het volledige bidboek Urban Heerlen is hier te lezen.

Popgeschiedenis

Daar stond hij dan op het podium in Landgraaf. Het was er maar één maar ondanks dat was het toch erg bijzonder dat hij er eindelijk was. De man die de historie van de popmuziek zelf heeft meegeschreven kwam in Landgraaf even een bloemlezing geven uit eigen werk. Een bloemlezing van fijne melodieën en eenvoudig mee te zingen teksten. De historie van de popmuziek was gewoon te zien en te horen in Landgraaf.

En dat was niet de eerste keer. Die andere band speelde al liefst drie keer in Landgraaf. In 1999 was ik erbij. Deur achter je dicht trekken, stukje lopen, concertje luisteren, even douchen en dan de bus in voor een schoolreis naar Londen.

Dat kán dus gewoon in Landgraaf. Ondertussen heeft bijna de gehele geschiedenis van de popmuziek daar op het podium gestaan. Alsof er een soort museum is waar de kunstenaars zelf aan het werk zijn.

En dat precies op de plaats waar het landschap vroeger bestond uit zwarte bergen afval van de Oranje Nassau II mijn. Daar waar men na de mijnsluiting dacht dat een paardenrenbaan voor het volk ook wel leuk zou zijn. Daar waar bleek dat mijnwerkers liever op vogels wedden dan op paarden. Daar naast de voetbalvelden waar je leerde voetballen en bier drinken.

Ongelofelijk eigenlijk.