Station Heerlen

Na een lange dag in de collegebanken gaan de deuren van de trein open. De herkenbare geur van thuis komt al op me af. Met de massa loop ik mee de trappen af naar de tunnel waar klassieke muziek uit speakers mij maant door te lopen. Ik duik nog iets dieper in mijn jas, mijn blik strak op de grond gericht om oogcontacten te vermijden.

Aan het einde van de tunnel loop ik de trappen op en slalom naar een plekje op het bankje in het winderige hokje op het busperron. Het is behoorlijk fris als ik wacht op het moment dat de bus links van mij eindelijk in beweging komt. Af en toe kijk ik naar het gescharrel bovenaan de trap onder het afdak van de Hoppenhof rechts van mij. Ik bevestig aan mezelf dat ik liever hier op het koude busperron wacht dan onder het afdak daar tussen de Heini’s.

Zittend op het bankje sluit ik mijn ogen en droom over een aangenamere plek. Een plek waar je liever arriveert dan vertrekt. Een plek die een warm gevoel geeft en een aangename beschutting tegen slecht weer. Grote ruimtes met veel licht en zachte kussens op stoelen. Ergens waar je de behoefte krijgt om contact te maken met anderen in plaats van het contact te vermijden. Geen ongewenste tussenstop maar een huiskamer waar je thuis wil komen. Een plek waar meer leven is dan het gescharrel van wat halfdoden.

Vandaag deed ik mijn ogen weer open.

Soms, heel soms, komen dromen uit.

Deze column schreef ik op de dag dat station Maankwartier in gebruik werd genomen voor iedereen in Heerlen die zo dapper was om dromen waar te maken. Hij was het eerst te lezen op ‘Ik ben in Heerlen, wat nu?!’.

Eindejaarsafrekening 2017: Een beetje meer Urban?

Nog even en dan zit 2017 er weer op. Vantevoren wisten we al dat het
lastig zou worden om 2016 te overtreffen: Heerlen als evenementenstad
van het jaar, de opening van het Maankwartier, een dikke Muralfittie en
een bidbook vol Urban ambities. Hoe ga je dat een jaar later in
vredesnaam overtreffen? Nou… Het was weer een jaartje hoor!

Fusieperikelen

Laten we beginnen met de fusieperikelen. Heel wat stappen zijn dit
jaar gezet om onze stad in Nederland weer mee te laten tellen. Het was
de bedoeling dat dit ten koste zou gaan van Landgraaf, maar daar waren
ze zelf als eerste begonnen. Dat ze daarna hevig terugkrabbelden hebben
we in Heerlen geen boodschap aan. Over een paar jaar praat niemand er
meer over, vraag maar eens in Hoensbroek.

Het werd uiteindelijk een welles nietjes spelletje, met meest
hilarische aspect dat het Landgraafse twijfelvirus spontaan Brunssum
infecteerde en ook zij zichzelf opeens onbedoeld in een fusiediscussie
rommelden waar ze helemaal niet bij betrokken waren. Nu Kerkrade,
Voerendaal en Simpelveld nog. Wat dat betreft pakken Nuth, Schinnen en
Onderbanken het beter aan. Om te oefenen voor het echte werk zijn die
alvast een voorfusie aangegaan.

Een nieuwe minister dacht er net zo over, blies uiteindelijk de fusie
met Landgraaf af en adviseerde om meteen voor het echte werk te gaan:
Eén grote Parkstad gemeente. Dus ook in het jaar dat voor ons ligt
kunnen we ons tijdens de campagnes voor de gemeenteraadsverkiezingen
weer lekker vermaken met fusieperikelen.

Wil je ook weten hoe het in 2017 ging met de urbanisatiedrang, evenementen, streetart, het Maankwartier, IBA Parkstad en nog veel meer? Lees dan de hele eindejaarsafrekening op Ik ben in Heerlen, WAT NU?!

Een hart voor Heerlen

Een uur lang vertelde Michel Huisman over wat ze bouwen daar bij ons
bij het station. Daar waar je vroeger wist dat je weer thuis was als je
de wietlucht kon ruiken. Waar de lelijkheid hoogtij vierde en je over de
junks struikelde. Daar vertelde Michel over hoogtepunten en
dieptepunten. Over onze stad die altijd in beweging is.

En daar waar iedereen altijd een mening heeft, twitterden allemaal mensen alleen maar mooie woorden over onze stad.

Wat twitterde iedereen over onze stad? Lees de hele column op Ik ben in Heerlen, WAT NU?!

Daar zaten we dan, op  donderdagavond in de Royal met z’n allen een
beetje trots te wezen. Het is al een tijdje geleden dat we voor het
laatst met z’n allen in de Royal zaten. De laatste keer dat we trots
waren was nog wel heel wat langer geleden. Meer dan een halve
eeuw schat ik zo. 

Daar zaten we dan, op  donderdagavond in de Royal met z’n allen een
beetje trots te wezen.

Foeilelijke luifels

Het was de donderdagavond waarop Michel Huisman met veel spot, enige zelfbevlekking en zelfoverschatting
vertelde over zíjn Maankwartier. Dat hij het niet langer kon aanzien hoe
de commercie zijn stad vernietigde. Historische gevels die werden
gladgestreken en voorzien van grote ramen en luifels. Vooral die
foeilelijke luifels. Gemaakt om mensen een droge plek te bieden om het
koopwaar achter de grote ramen te aanschouwen.

Emotie boven functie

Huisman kon deze lelijkheid waarbij functie boven emotie werd gesteld niet langer aanzien.

Hij ging aan het werk en creëerde het Maankwartier.

Want waarom zou je kunst in de marge blijven maken als je je kunst ook kunt ophangen aan de wanden van de stad? Om grootse dingen te bereiken moet je groots durven denken. Met het Maankwartier creëerde Huisman een plek waar emotie juist boven functionaliteit gaat. Een
plek waar commercie ondergeschikt is aan welzijn. Een plek die voor haar bezoekers waarde
biedt zonder winstoogmerk omdat waarde méér en
duurzamer is dan winst alleen. Een plek om te kussen en gekust te worden.

Want waarom zou je kunst in de marge blijven maken als je je kunst ook kunt ophangen aan de wanden van de stad? 

Beton

Huisman heeft de lat voor zichzelf hoog
gelegd en naar eigen mening zelfs overtroffen. Met grote verwachtingen
verplaatste ik mij dan ook met de rest van de meute van de Royal naar
het Maankwartier. Voor het eerst beklom ik de trappen vanaf de
Spoorsingel naar het Maanplein. Boven aangekomen schrok ik even. Het is
wel heel erg veel beton. Maar toen ik nog een keer keek, werd het
Maankwartier fascinerend. 

Boven aangekomen schrok ik even. Het is
wel heel erg veel beton.

Fascinatie

Overal waar ik keek zag ik andere
fascinerende details. Ik kneep mijn ogen een beetje dicht en bedacht het
groen dat er nog gaat komen bij. Net als een paar bankjes om op te
zitten. Bankjes die je de tijd geven om de omgeving op je in te laten werken en die je een plek bieden om alle details in alle rust te bekijken. Ik concludeerde dat deze plek fantastisch wordt.

Perspectief

Ik
loop verder, maak een rondje over het plein en laat mij verder fascineren door het
werk van Huisman. Doordat het Maanplein een beetje hoger ligt, is het
uitzicht vanuit iedere hoek van het plein verrassend. Opeens sta je
niet meer in de stad maar word je een beetje opgetild en kijk je net
over de daken heen. Dit andere perspectief zorgt voor een totaal andere
beleving: van lelijkheid en leegstand naar leven en….. inderdaad: Trots.

Opeens sta je
niet meer in de stad maar word je een beetje opgetild en kijk je net
over de daken heen.

Nog niet af

Maankwartier Noord voldoet aan en overtreft inderdaad alle verwachtingen.
Maar het is nog niet af. Wat volgt is het stationsgedeelte en het
Zuidplein. Van de plaatjes die Huisman in de Royal liet zien, belooft
dit gedeelte nog fraaier te worden door meer gebruik te maken van hoogteverschillen en parken. 

Trots

Waarschijnlijk zal de werkelijkheid,
net als bij het gedeelte dat al is gerealiseerd, nog mooier worden dan
de plaatjes. Door groots te durven denken en emotie boven
functionaliteit te stellen is Huisman erin geslaagd om Heerlen iets
terug te geven dat het heel hard nodig heeft, heel lang weg is geweest
en veel meer waarde heeft dan geld: Trots.

De presentatie van Michel Huisman is nu terug te kijken op YouTube: Maankwartier van idee, naar schets, naar uitvoering.