Station Heerlen

Na een lange dag in de collegebanken gaan de deuren van de trein open. De herkenbare geur van thuis komt al op me af. Met de massa loop ik mee de trappen af naar de tunnel waar klassieke muziek uit speakers mij maant door te lopen. Ik duik nog iets dieper in mijn jas, mijn blik strak op de grond gericht om oogcontacten te vermijden.

Aan het einde van de tunnel loop ik de trappen op en slalom naar een plekje op het bankje in het winderige hokje op het busperron. Het is behoorlijk fris als ik wacht op het moment dat de bus links van mij eindelijk in beweging komt. Af en toe kijk ik naar het gescharrel bovenaan de trap onder het afdak van de Hoppenhof rechts van mij. Ik bevestig aan mezelf dat ik liever hier op het koude busperron wacht dan onder het afdak daar tussen de Heini’s.

Zittend op het bankje sluit ik mijn ogen en droom over een aangenamere plek. Een plek waar je liever arriveert dan vertrekt. Een plek die een warm gevoel geeft en een aangename beschutting tegen slecht weer. Grote ruimtes met veel licht en zachte kussens op stoelen. Ergens waar je de behoefte krijgt om contact te maken met anderen in plaats van het contact te vermijden. Geen ongewenste tussenstop maar een huiskamer waar je thuis wil komen. Een plek waar meer leven is dan het gescharrel van wat halfdoden.

Vandaag deed ik mijn ogen weer open.

Soms, heel soms, komen dromen uit.

Deze column schreef ik op de dag dat station Maankwartier in gebruik werd genomen voor iedereen in Heerlen die zo dapper was om dromen waar te maken. Hij was het eerst te lezen op ‘Ik ben in Heerlen, wat nu?!’.

Een reactie plaatsen

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s