Een rauwe landmark

Hallo Emile,

Welkom in Heerlen! De aanleiding is natuurlijk niet zo leuk, maar beter dan Kevin Goes kan ik het niet schrijven, dus dat ga ik ook niet doen: ‘Je kunt burgervader zijn, maar soms moet je alleen maar vader zijn.’ 

Maar jij zult wel denken: ‘Ik ben in Heerlen, wat nu?!’. Nou, dan heb je hier de juiste plek gevonden voor de leukste weetjes en de beste columns over je nieuwe stad. Ik zag ook dat je al een exemplaar van ‘Het geluk van Limburg’ hebt ontvangen. Dat is natuurlijk ook een goed begin, want wie het verleden van Heerlen niet kent, zal Heerlen nooit begrijpen. 

Dat verleden wordt overigens steeds duidelijker zichtbaar. We hebben al het Thermenmuseum en het Mijnmuseum. Vorige week is er op de Romeinse kruising ook nog een nieuwe bank geplaatst en op het Pancratiusplein een maquette. Natuurlijk waren de onthullingen een heel evenement, dat is hier ondertussen een soort traditie. Toch hebben we nog wat werk om het hele verhaal van Heerlen te vertellen. Ik zou het heel gaaf vinden als er naast die musea en losse elementen één plek in Heerlen komt waar het hele verhaal wordt verteld. Maar daarover later meer. 

We vliegen in Heerlen al jaren in noodvaart van hoogtepunten naar dieptepunten en weer terug. Ook nu is Heerlen weer volop in beweging en is er enorm veel te doen. Deze week hebben we, de inwoners van Heerlen samen met jouw politieke club, een meldpunt gemaakt voor foute vastgoedbazen. Dat zijn die schmiechten die voor eigen gewin hun panden in de stad laten verloederen. En wij als bewoners moeten daar dan tegenaan kijken. Dat pikken we hier dus niet en dan ga je op de zwarte lijst. 

Nieuwe Nieuwe Nor en De Plu

Dit jaar val je overigens echt met je neus in de boter als je meer wil leren over de geschiedenis van Heerlen. De tweede helft van dit jaar krijgt namelijk het thema ‘Heerlen Bovengronds’. Dat gaat over de periode na de mijnsluitingen. Volgens mij had dat eerst de werktitel ‘Zomer na de Mijnen’ maar het wordt dus uitgesmeerd over een langere periode. Dat is alleen maar mooi. Als je op de hoogte wil blijven van dit soort dingen die onze stad zo leuk maken, heb je hier de juiste plek gevonden. Doe je ons nog ff volgen jong?

Zoals je leest zijn we in Heerlen lekker in beweging en doen we dingen graag net een beetje anders. Je had zelf al voorspeld dat Heerlen wel eens de eerste stad met een SP burgemeester zou kunnen worden. Ik weet niet of je toen al wist dat je zelf die burgemeester zou worden. Maar het past wel bij ons om dingen net een beetje anders te doen, dat vinden we wel leuk. Neem nou al die graffiti die je ziet. Dat noemen wij geen graffiti maar streetart. Dan kijk je er toch opeens heel anders tegenaan, niet waar?  

Ook verbouwen doen we een beetje anders. Dat noemen we IBA. Wat dat precies is, begrijpt eigenlijk niemand. Vorige week heeft IBA in de Nieuwe Nor de nieuwe Nieuwe Nor gepresenteerd. De Nieuwe Nor is overigens geen gevangenis maar juist een muziekpodium waar, met wat subsidie, wordt geprobeerd te voorkomen dat jongeren in de nor komen. Snap je het nog? Om de nieuwe Nieuwe Nor te bouwen gaan in de Pancratiusstraat naast de huidige Nieuwe Nor een paar panden tegen de vlakte. Sommigen noemen die panden historisch maar ik heb ze eens bekeken en heb werkelijk geen idee hoe ze daarbij komen. Op die plek komt dan de nieuwe zaal van de nieuwe Nieuwe Nor. Op de plaatjes ziet het er allemaal sjiek uit, met allemaal gave lichtdingen enzo. Ik kijk er al naar uit om in 2020 daar naar wat gave bands te gaan kijken!  

Deze maand is ook bekend gemaakt dat aan de andere kant van het centrum ook De Plu tegen de vlakte gaat. Dat is ook zo’n IBA project. ‘Eindelijk’ schreef iemand onder deze aankondiging op Facebook. Toen ik het las kreeg ik toch wel een brok in mijn keel. De Plu is natuurlijk een verschrikkelijk lelijk gebouw, dat alleen door de Mural die er de laatste jaren op zit nog een beetje de moeite waard is om tegenaan te kijken. Maar het is ook één van de laatste plekken die terug doet denken aan die rauwe periode van Heerlen. Op andere plekken, zoals het station, wordt nu het Maankwartier gebouwd en de kruising Willemstraat/Sittarderweg/Meezenbroekerweg/Kempkensweg is tegenwoordig ook maar gewoon een kruising. Blijft dus het laatste stuk van de Promenade over, waar het tunneltje en de waterval al weg zijn en alleen de oerlelijke Plu nog terug doet denken aan het rauwe verleden. 

Dat rauwe verleden moeten we echt niet vergeten. Daarom moeten we nu echt oppassen dat we niet weer dezelfde fouten maken als in het verleden. Laten we niet, net als na het mijnverleden, nu ook nog het rauwe verleden uit de stad slopen. Er zijn al heel wat plannen gemaakt voor het Schinkelgebied, maar ik doe daar bij deze nog één suggestie bij: Ik pleit ervoor om het trappenhuis van De Plu te laten staan. Alleen het trappenhuis, de rest mag weg. Dit trappenhuis moet behouden blijven als symbool van de lelijkheid van de rauwe periode. Als een soort Oloïde. Een landmark maar dan met functie. Bij IBA zijn ze al verzot op landmarks, dus dat moet lukken. Ook volgens de bewoners van Kantoor Contour moet het mogelijk zijn om alleen het trappenhuis te laten staan. Zij willen de toren alleen tijdens de transformatie van het gebied laten staan, maar ik wil hem graag voor altijd behouden. Als aandenken aan de rauwe periode, met daarnaast een tweede functie.

Zo’n toren is namelijk ook ideaal om op één plek het verhaal van Heerlen te vertellen. Op de buitenkant maken we dan mooie Murals die het verhaal van Heerlen vertellen. Romeinen, boeren, mijnwerkers, junks en tot slot de culturele lente. Aan de binnenkant kan iedereen dan zelf door het verleden van Heerlen lopen, dat zich aan je ontvouwt terwijl je de trappen bestijgt. Iedere etage vertelt over een andere periode. Met bovenaan als mooie beloning het uitzicht over de stad met haar verleden en de omliggende heuvels. Hoe gaaf zou dat zijn? 

Deze column verscheen in Maart 2018 op Ik Ben In Heerlen, Wat Nu!?